2. PO – De kennismaking

Het UWV

Januari 2019 op een onpersoonlijk kantoor.
“Beste mevrouw Spijkstra, u profiteert al een half jaar van een uitkering en heeft nog steeds geen baan gevonden. Hoe komt dat toch?”
Het voelt alsof ik op het matje word geroepen bij het UWV. Ik solliciteer me een slag in de rondte, word best vaak uitgenodigd, ook voor tweede gesprekken, maar er is altijd iets. Soms door een suf antwoord van mij, soms door de werkgever die zijn vacature niet scherp heeft of ineens wijzigt (vaak als conclusie na een sollicitatieronde) / liever een jonger iemand heeft / mij te onervaren of juist té ervaren vindt (ik ben te oud?…) / een andere sollicitant heeft die toch net beter in het profiel past (ik ben te oud?) / ik ben teveel tekstschrijver / ik ben te weinig copywriter / ik ben te duur (ik ben te oud?) / de ene manager zegt ja maar de ander zegt nee…
De UWV-adviseuze knikt begripvol. We bekijken mijn CV. Ziet er mooi uit, maar geeft inderdaad een brei van verschillende banen weer. De conclusie is dat de communicatiewereld gewoon heel moeilijk is. 

“Heb je weleens aan leerkracht gedacht? Scholen springen erom en de Rijksoverheid heeft hier potjes voor: je studie wordt betaald en je kan snel voor de klas.”
Uitstekende vraag met een duidelijk antwoord: ja, eigenlijk wel. Na de Havo twijfelde ik tussen Journalistiek en een lerarenopleiding. Ik heb open dagen bezocht van de PABO en lerarenopleidingen Nederlands of Engels. Maar met mijn achttien jaar durfde ik niet. Nauwelijks ervaring met kinderen en zelf nog niet eens volwassen. Hoe kon ik dan lesgeven aan andere kinderen?

Mijn kansen keren. De UWV-dame belt direct een collega die volgende week met de Almeerse Scholen Groep (ASG) gaat praten over het lerarentekort en het zij-instromerstraject. Perfect. Misschien word ik wel leraar!

ASG Hoofdkantoor

Het gesprek met het UWV geeft me hoop. Het eerste kennismakingsgesprek vindt plaats op het hoofdkantoor van de ASG. De nood is hoog, ook bij de ASG. De onderwijsgroep heeft maar liefst 39 scholen in Almere en het tekort wordt met het jaar hoger, is de verwachting. Nou, hier ben ik dan.
Wie ben ik? Wat zijn mijn waarden en mijn normen? Waarom denk ik dat ik voor de klas kan staan? Wat breng ik mee aan ervaring en wijsheid? Wat trekt me aan in het onderwijs en in de omgang met kinderen?
Een vriendelijk vragenvuur van ongeveer een uur met een verlossend antwoord: je lijkt me geschikt, dus ga maar verder onderzoeken of het wat voor je is.
Ik krijg een plattegrond van Almere mee met een lijst van alle scholen van de ASG en mag er drie uitzoeken, benaderen en vragen of ik een dag mee mag lopen.

Ik struin door de websites van de scholen en heb binnen no time uitgezocht welke scholen ik wil bezoeken: een grote, traditionele school, een kleine school met een goede beoordeling van de onderwijsinspectie en tot slot een hele grote Dalton-school. Enthousiast bel ik op naar mijn zorgvuldig gekozen scholen. De medewerkers die ik spreken reageren direct positief en de agenda’s worden erbij gepakt.

Meeloopdag 1:

Een grote Daltonschool

Licht zenuwachtig stap ik de eerste meeloopdag voor schooltijd binnen bij de grote Dalton-school. Al snel krijg ik een rondleiding door de nog lege klassen. Er wordt me op het hart gedrukt dat ik overal mag kijken en met iedereen kan praten. Ik stap de lerarenkamer binnen. Gek dat ik me dat als kind kan herinneren als een soort verboden kamer. Mijn naam staat genoteerd op het planbord: zij-instromer Daphne op bezoek. Ik word vriendelijk ontvangen. Handen worden geschud, het koffieapparaat wordt uitgelegd en al snel gaan de lessen van start. Een beetje verlaten vraag ik me af waar ik zal starten met ‘stiekem in de klas gluren’. Ik kies voor de ‘logische’ volgorde: van groep 1 tot en met groep 8. Ik sluip zo onopvallend mogelijk klaslokalen binnen. Door de zelfstandigheid van de leerlingen, hebben de leerkrachten over het algemeen veel tijd voor me. Ze vertellen graag over hun vak en het werken met kinderen.

In de pauze sluit ik aan bij de leraren en eet mijn lunch. Het is de dag voor de staking. Uiteraard wordt hierover gesproken, maar de vraag wordt ook gesteld of je wel of niet naar het Malieveld komt als vrijdag je reguliere vrije dag is.
Op de gang is ondertussen paniek ontstaan. Een juf van groep 1 en 2 loopt huilend heen en weer. Ze voelt zich ziek, maar wil niet naar huis omdat ze haar kinderen niet in de steek wil laten vanwege gebrek aan vervanging. Zal ik inspringen? Nee dat durf ik nog niet… De reden van de staking is in ieder geval duidelijk.

Na afloop van de dag loop ik nog even bij de directeur binnen. Hij verzekert me dat het lerarentekort nijpend is en dat ze blij zijn met mensen als ik die zich willen laten omscholen.
“Je bent slim, je neemt ervaring mee en die hulp kunnen we absoluut gebruiken. Waar het echt om gaat is of je naast de kennis die je uit boeken en werkervaring haalt, ook de passie en empathie hebt om hele dagen met kinderen om te gaan en er onvoorwaardelijk voor ze te zijn. Als je dat niet hebt, red je het niet. Of je nu je papieren gehaald hebt of niet.”

Meeloopdag 2
De kleine, goede-beoordeling school

Op de klein-maar-fijne school ontmoet ik als eerste de juf van groep 8.
“Kom gerust langs hoor! We hebben vanochtend een toets, maar daarna ben je zeker welkom,” zegt ze bemoedigend als ze me bij de directeur heeft afgezet. Na een rondleiding word ik net als op de Dalton-school ‘losgelaten’. Ik sluip klassen binnen, doe zo onopvallend mogelijk en leer nog wat bij over rekenen en taal.
Ik start in groep 7. De kinderen zijn druk, de juf ook. Ze loopt rond door de klas en beantwoordt vragen. De opdracht is om zelfstandig te werken, maar in golven moet de lerares haar pupillen toch weer even herinneren aan deze opdracht. Hierna komt een andere juf de klas in stappen, speciaal voor de ‘redactiesommen’. Nare dingen zijn dat en dat vinden de kinderen ook.
“Goed lezen wat er staat,” is het advies.
Ik verlaat de klas en schuif wat door de school, tussen groep 3 tot en met 5.  Lunchen doe ik in stilte bij de kleuters. Nadat hun broodtrommeltjes leeg zijn, krijg ik een vragenvuur van ze: hoe heet je, wil je mijn veter strikken, heb je ook nieuwe schoenen en houd jij van unicorns?
De school is sfeervol en vriendelijk ingericht. De lerarenkamer heeft iets weg van een woonkamer, hoewel er geen leraar te zien is vanwege het continurooster. Iedereen eet in de klas, samen met de leerlingen.

Ik spreek diverse leraren. Een leraar geeft al 25 jaar les. Een lerares staat nu vijf jaar voor de klas nadat ze zich heeft laten omscholen. De juf van groep 8 tref ik pas aan het eind van de dag. Haar klas is aan het gymmen. Ze legt uit hoe het werk tijdens haar tienjarige carrière is gewijzigd. Meer administratie, meer ‘doelen’ waar je je aan moet houden waardoor de vrijheid van vroeger om je eigen plan te trekken, minder is geworden. Interessante verhalen, over keuzes maken, passie en stress. 

Meeloopdag 3:
De grote, traditionele school

In een redelijk nieuwe wijk van Almere staat een groot schoolgebouw. Als ik rond 8 uur aanbel, word ik direct meegenomen.
“Je mag meelopen in groep 5. De juf is ook zij-instromer. Veel plezier!” aldus de directeur.
De dag wordt gestart in de lerarenkamer. De directeur vraagt zich af wat de uitslag van de statenverkiezing zal worden, geeft wat praktische mededelingen en vervolgens krijgen alle aanwezige leerkrachten de kans hun zegje te doen. Tandartsafspraken, nog geen e-mailadres voor een nieuwe collega, nieuwe theekoppen en een zij-instromer die meeloopt. Vervolgens ga ik met de juf in de deuropening staan en geef alle kinderen die binnenkomen een hand. Ik kruip voor de rest van de dag achter een tafeltje naast de juf. Ik mag voor het eerst tekenen met ‘juf Daphne’ op een verjaardagskaart en ik probeer mijn Powerpoint ervaring te delen met een groepje leerlingen op de gang. De juf wordt tijdens een speciale les beoordeeld door een andere collega en zo is eigenlijk de dag belachelijk snel om.
In gesprek met de juf blijkt al snel dat ook zij nooit meer anders wil. Ze werkte als administratief medewerker en besloot zich te laten omscholen. Beste keuze ooit. Zo gaf ze ook les.

Tijdens het speelkwartier ontmoet ik een invallende leraar. Hij geeft een ander beeld na 25 jaar leraarschap.
“Het beroep is zo veranderd vergeleken met vroeger. Ik wil met kinderen werken en me niet bezig hoeven houden met administratie. Alles moet geadministreerd worden. Ik heb bewust gekozen voor invalklussen op het moment. Ik moet het allemaal even voor mezelf uitzoeken.”

Verschillende meningen, andere verhalen. Ik wil zo blanco mogelijk blijven maar sluit de dag heel blij af. Ik word blij van de kinderen, hun reacties, het spons-effect als iets nieuws wordt geleerd (nieuwsgierigheid) en deze sterke juf geeft een mooi voorbeeld. Ik moet wel kritisch blijven en besluit niet op één paard te wedden. Het wordt tijd om knopen door te hakken.